Wij mogen blij zijn dat wij in Nederland altijd wel een columnist hebben die én goed schrijft, én aandacht heeft voor de taalvorm. Op die manier wordt steeds weer aangetoond dat mensen het heel erg leuk vinden om over de taalvorm na te denken (zelfs als dit zogenaamd gerechtvaardigd wordt als ergernis over het verval van de juiste vormen).
Heel vroeger had je onder andere Charivarius, later was Kuitenbrouwer heel populair, en nu heb je Paulien Cornelissen. Wie schrijft er eens een overzichtje van een eeuw taalpopulisten?
Als zo’n populair iemand iets signaleert heeft het meteen een enorme impact. Dat leest iedereen. Je zou als taalkundige wel gek zijn als je daar niet bij zou aanknopen. Ook al heb je het al eens eerder over zo’n verschijnsel gehad.